Koken met peterselie
Peterselie heeft een frisse, licht peperige smaak die veel gerechten net wat meer diepte geeft zonder te overheersen. Er zijn twee bekende soorten: krulpeterselie en platte peterselie. Platte peterselie heeft een wat sterkere smaak en wordt daarom vaak gebruikt in warme gerechten, terwijl krulpeterselie vooral populair is als garnering.
Peterselie combineert goed met groenten, aardappelen, vis, kip en peulvruchten. Ook in kruidenboter, pesto, dressings en marinades is het een heerlijke smaakmaker.
Tips voor het bereiden van peterselie
Met een paar eenvoudige tips haal je het meeste uit verse peterselie:
- Gebruik bij voorkeur verse peterselie voor de meeste smaak.
- Pluk de blaadjes van de dikkere steeltjes. De dunne steeltjes kun je gerust fijnsnijden en gebruiken.
- Voeg peterselie bij warme gerechten pas aan het einde van de bereiding toe. Zo blijven de frisse smaak en de mooie groene kleur behouden.
- Hak de blaadjes grof in plaats van heel fijn om zoveel mogelijk aroma te bewaren.
- Platte peterselie is meestal iets aromatischer dan krulpeterselie, maar beide soorten zijn in veel recepten goed uitwisselbaar. Hou er rekening mee dat platte peterselie eerder verlept dan krulpeterselie die wat steviger is.
Smaakcombinaties
Peterselie laat zich makkelijk combineren met allerlei ingrediënten, zoals:
- knoflook
- citroen
- boter
- aardappelen
- tomaat
- champignons
- vis en schaal- en schelpdieren
- kip
- peulvruchten
- Parmezaanse kaas
Ook samen met kruiden als bieslook, dille en oregano vormt peterselie een heerlijke basis voor veel gerechten.
Wanneer is peterselie in het seizoen?
Verse peterselie is het hele jaar verkrijgbaar en groeit bovendien gemakkelijk in een kruidentuin of in een pot op de vensterbank of het balkon. Door regelmatig te oogsten blijft de plant nieuwe blaadjes produceren.
Peterselie bewaren
Verse peterselie blijft enkele dagen goed in de koelkast. Bewaar de steeltjes in een glas water of wikkel het kruid losjes in een vochtig vel keukenpapier.
Je kunt peterselie ook fijnhakken en invriezen. Zo heb je altijd een voorraadje bij de hand voor soepen, sauzen en andere warme gerechten.