Simone's Kitchen

Waarom je Alentejo niet mag overslaan – Marvão

In het tweede deel van onze bliksemtrip naar Alentejo gingen we naar Marvão en Elvas. Maar we begonnen in het plaatje Galegos. Niet te verwarren met de Galapagos.. 🙂 We kwamen hier terecht omdat het vlak bij Marvão ligt en omdat je hier het Olive Oil Museum vindt.

Forte de graca

Casas de Contrabando

We kwamen aan in Galegos in het pikkedonker en ik dacht voor een moment dat we helemaal verdwaald waren en in de middle of nowhere waren beland. Dat gevoel is achteraf wel te verklaren want er wonen maar een handvol mensen in dit stadje. Dus dat het nogal rustig is, is misschien een understatement. We werden echter al snel opgehaald door Eduardo die een leuke kleine B&B runt met de mooie naam Casas de Contrabando.

Het was inmiddels flink koud geworden maar gelukkig stond de houtkachel al lekker te ronken en bleven wij als verkleumde meisjes rond die kachel hangen. Er zijn in casas de contrabando maar drie kamers, dus de heren sliepen even verderop in een andere locatie. En Cathelijne, Annemarie en ik mochten in het smokkelaarshuis logeren.

De naam is afgeleid van de smokkelaarsroute die letterlijk op 800 meter afstand van de B&B ligt. De Spaanse grens is dus heel vlak bij en werd nog niet eens zo heel lang geleden veel gebruikt om goederen van Spanje naar Portugal te brengen of andersom. Je kunt vandaag de dag die smokkelaarsroute vanaf Galegos dus heel goed wandelen. Sterker nog; onze fanatieke hardloper Hanno rende de volgende morgen om 7 uur de route al zelf. Of je dat ook wilt doen is een ander verhaal, maar het is natuurlijk een optie.

Wandelgebied

Sowieso is het hele gebied ideaal om te gaan wandelen. Het is dus zeker de moeite waard om een paar dagen in casas de Contrabando te verblijven en je te laten verwennen met heerlijke ontbijtjes van Eduardo.

Maar wij waren natuurlijk niet gekomen om in onze kamer te zitten dus na nog wat warme kleding aan te doen (want koud!!!) liepen we een paar meter verderop naar het olijfolie museum.

We begonnen in het echte museum waar Antonio ons liet zien hoe er vroeger olijven werden geperst. Het “museum” is nog steeds een lopende fabriek, maar nu gebeurd het persen van de olijven op een veel modernere manier met roestvrijstaal en machines. De oogst van de olijven loopt van oktober tm februari en het was interessant om te horen wat het verschil is tussen de oogst van oktober versus die van later in het seizoen. De olijven groeien uiteraard door waardoor de opbrengst per olijf groter wordt naarmate het later in het jaar is. Maar de smaak van de olijven die in oktober worden geplukt is vele malen meer geconcentreerd. Er zit minder sap in dus de opbrengst is veel kleiner, maar de smaken veel heftiger.

De productie gaat maar liefst 24 uur per dag door om alles te kunnen verwerken. Behalve hun eigen olijven kunnen de mensen die in de buurt wonen ook hun eigen olijven hier laten persen. Grappig om te zien ook omdat er net iemand bezig was om zijn eigen – net geperste -olijfolie in kannen te gieten. Meer over het olijvenmuseum lees je op Paper Travels.

Diner

Na de uitgebreide rondleiding en uitleg mochten we aanschuiven aan tafel voor een lekkere homemade maaltijd. Ok heel eerlijk gezegd vond ik de bacalhau die we geserveerd kregen niet lekker. Maar dat ligt meer aan mij dan aan de kok. Ik heb het gewoon niet zo op de gezouten vis. De kaas die we overal geserveerd krijgen is een heel ander verhaal! Zo lekker. In Alentejo vind je dus ook een flink aantal lokale kazen. Meestal geiten- of schapenkaas. Koeienkaas zul je hier niet zo snel vinden.

Olijfolie

Uiteraard kregen we ook een olijfolie test waarbij Antonio ons twee verschillende olijfolies liet proeven. En we moesten daar dan bij bedenken wat voor associatie we bij de geur hadden. Dat was eigenlijk niet zo moeilijk want de eerste was een heerlijke verse extra virgin en de tweede was een soort blend van overblijfsels. En had dus nul geur.

Na ook nog de nodige heerlijke wijnen te hebben gedronken tuimelden we niet al te laat ons bedje in voor wat verdiende nachtrust.

Marvão

De volgende ochtend reden we verder de berg op om Marvão en dan met name het kasteel van Marvão nader te bekijken. Ik vond het wel bijzonder hoe weinig mensen je hier eigenlijk tegenkomt. Je merkt echt dat de regio vrij dunbevolkt is. Wel fijn voor de foto’s! Het is toch altijd lastig om foto’s te maken zonder mensen als het druk is. Dat was hier geen enkel probleem.

Ondanks het zonnetje was de temperatuur wel flink ijzig. Het kan hier in de regio enorm heet worden. We hoorden temperaturen van 45˚C hoog zomer. Dat hoeft van mij echt niet. Het had nu wel ietsje warmer mogen zijn maar ik denk dat de regio in de lente of de herfst fantastisch is.

Om een beetje op te warmen doken we een klein lokaal tentje binnen om de plaatselijke likeur te nuttigen, ginginha. Ik hou normaal niet zo van likeur maar deze is echt geweldig lekker. Ik heb zelfs een flesje meegenomen dus ga daar zeker nog iets mee doen. Het smaakt naar – ja naar kerstmis eigenlijk.

Marvão ligt vlak bij Spanje en dankt zijn naam aan een Moorse krijgsheer, Ibn Marúan die het dorpje als schuilplaats gebruikte. Her en der in Alentejo vind je nog overblijfselen van de Arabische overheersing die een paar eeuwen maar liefst heeft geduurd.

Het dorpje zelf is een uitstekend verdedigingspunt. Het is ommuurd en heeft aan drie kanten hele steile hellingen. Dat maakt het uitzicht vanaf het kasteel (het hoogste punt) ook zo fantastisch. Het kasteel is gebouwd door dezelfde Ibn Marúan en is grotendeels gerestaureerd.

Mil Homens restaurant

Van onze wandeling door Marvão reden we terug om lunch te hebben in Mil Homens restaurant. Hier vind je heerlijke traditionele gerechten uit de regio. Natuurlijk vergezeld door weer de nodige wijnen. Door de kou van de ochtend en het buiten zijn en dan vervolgens binnen bij de open haard met een wijntje zitten werden we lekker warm en rozig. (en in mijn geval kreeg ik een kop als een biet..)

Elvas

Onze laatste stop van de trip door Alentejo was het plaatsje Elvas. Maar voor we daar naar ons hotel gingen brachten we eerst nog een bezoek aan het mooie Forte de Graca. Het licht had niet beter kunnen zijn want we waren er net bij ondergaande zon, wat het geheel echt prachtig maakte. We kregen een rondleiding van een gids die ons vertelde over de historie van het gebouw.

Forte de Graca Elvas

Een bezoek aan dit bijzondere fort is zonder meer de moeite waard. Het is prachtig gerestaureerd nadat het in 2014 vrij kwam. Hiervoor was het een gevangenis geweest en daarvoor een bijna onneembare vesting. Als je alle geweergaten gaat tellen ben je al snel de tel kwijt. Maar behalve dat is het ook echt een prachtig gebouw en vanaf de top heb je een schitterend uitzicht over de vallei eronder en Elvas.

Meer over Elvas volgt binnenkort!

Deze post bewaren? Pin onderstaande afbeelding

Marvão

Delen is fijn!

Simone van den Berg

Foodfotograaf | Food- en travelblogger | Receptontwikkelaar | Natuurvoedingsadviseur | Trainer Hormoonfactor | Houdt van gezond en vooral lekker eten en probeert daar een goede balans in te vinden. Woont samen met katten Buffy en Humphrey in het midden van het land.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.