Ken jij het fotorolletje nog?
Het laatste onderdeel van belichting is ISO (International Organisation of Standardisation). Als je wat ouder bent kun je je waarschijnlijk nog wel de fotorolletjes herinneren. Ging je naar een zonnig land dan kocht je een rolletje van 100 ISO. Ging je naar een land met minder zon dan kocht je een 200 of zelfs een fotorolletje 400 ISO. Die tijden zijn gelukkig voorbij en je kunt nu per foto een andere keuze maken.
Probeer jezelf aan te wennen om je toestel niet op de automatische ISO-stand te gebruiken. Je camera zal namelijk bij slechtere lichtomstandigheden de ISO altijd vrij snel omhoog zetten, met allerlei ongewenste effecten als gevolg.
Laat de beslissing van welke ISO je gebruikt, afhangen van een aantal dingen:
- Met welk diafragma wil je werken?
- Wat is het lichtniveau van de plaats waar je aan het werk bent?
- Met welk doel maak je de foto’s?
Maar eerst even terug naar het effect van een hoge ISO. Om te beginnen zorgt een hoge ISO ervoor dat er meer licht op je sensor komt, wat resulteert in een snellere sluitertijd (als je fotografeert met diafragmavoorkeuze). Ideaal zou je zeggen. Helaas heeft die hoge ISO een aantal minder prettige bijverschijnselen. Hoe erg die zijn, is afhankelijk van de kwaliteit van je camera. Die bijverschijnselen zijn:
- Veel ruisvorming. Ruis kun je het best vergelijken met een korrel. Door de gevoeligheid van de sensor te verhogen, ontstaat er een ‘digitale ruis’. Dit resulteert soms in zichtbare pixels, minder scherpe lijnen in je foto en fletse kleuren.
- Hoe kleiner de sensor in je camera, hoe erger het effect van de ruis. Ruis op een compact camera valt eerder op dan de ruis in een spiegelreflex (zie ook de foto’s hierna).
In de eerste foto zie je twee foto’s naast elkaar waarvan de linker gemaakt is bij een ISO van 200 en de rechter bij ISO 3200. Beide zijn gemaakt met mijn spiegelreflex. Je kunt het in print misschien niet heel goed zien, maar er is een duidelijk verschil in hoeveelheid ruis in de foto. Toch zijn beide foto’s nog acceptabel.
Vergelijk nu twee foto’s van twee verschillende camera’s waarbij de situatie hetzelfde is. Zoals je ziet geeft de spiegelreflex (rechts) een beduidend beter resultaat dan de compact camera (links). In beide gevallen staat de ISO op 3200.
Zelf zal ik, indien mogelijk, de ISO altijd op de laagste stand zetten. Ben je in een situatie waarin je snel moet kunnen reageren, je geen statief bij je hebt en het licht is slecht? Dan is de enige oplossing een hogere ISO gebruiken. Want erger dan een hoge ISO gebruiken, is een onscherpe foto maken!Waar ga je de foto voor gebruiken?
Hou ook altijd in je achterhoofd waar je de foto voor wilt gaan gebruiken. Ga jij een foto op je blog plaatsen en dat is maximaal 750 px breed dan is er niemand die ziet dat er wellicht wat ruis in die foto zit. Wil je diezelfde foto echter opsturen naar een tijdschrift of wil je er wellicht in de toekomst nog wat anders mee gaan doen? Neem dan het zekere voor het onzekere en gebruik een lage iso (en een statief!)