Als je ooit in Denemarken of Zweden bent geweest, heb je vast wel eens een traditionele kanelbullar geprobeerd. Deze Zweedse (of Deense) kaneelbroodjes zijn heerlijk en hebben gemalen kardemom als extra ingrediënt. Perfect om te serveren bij een lekker kopje koffie of als snack tussendoor. Ik zou ze elke dag wel kunnen eten.
Inhoudsopgave
Kanelbullar recept
Laat me eerst uitleggen wat het verschil is tussen gewoon cinnamon buns en deze kanelbullar of Zweedse kaneelbroodjes. Het eerste verschil is dat ze niet zo zoet zijn als Amerikaanse kaneelbroodjes. Ten tweede hebben ze een vleugje kardemom in de kaneelvulling en in het deeg zelf. En ten derde worden ze zo gebakken dat ze de andere kaneelbroodjes niet raken. Ze zijn dus rondom bruin.
Die drie dingen zijn de belangrijkste verschillen tussen de twee kaneelbroodjes. Ik vind ze allebei heerlijk, maar omdat ik onlangs in Zweden ben geweest (en de Zweedse bakkerij heel vaak heb bezocht!) heb ik beloofd om een recept voor zelfgemaakte kanelbullar te delen. Dus bij deze!
Wat je nodig hebt om kanelbullar te maken
Kanelbullar worden gemaakt met een gistdeeg, dus je hebt uiteraard gist nodig. Ik voeg meestal geen verse gist toe, maar gebruik in plaats daarvan instant gist. Dat vind ik makkelijker en werkt prima. Dit zijn de ingrediënten die je nodig hebt voor het deeg:
- melk – ik gebruik volle melk
- instant gist
- roomboter
- kristalsuiker – voor een iets andere smaak kun je in de vulling ook bruine suiker gebruiken
- ei
- gemalen kardemom
- bloem
Hoe maak ik het deeg?
De eerste stap om het kanelbullar deeg te maken is om de gist in een kleine kom te doen met een beetje lauwe melk. Wacht tot het een beetje bubbelt. Smelt de boter en voeg de rest van de melk toe. Voeg nu de rest van de droge ingrediënten en het ei toe en kneed 10 tot 15 minuten.
Je kunt een mixer zoals een Kitchen Aid gebruiken om het kneedproces te starten, maar afhankelijk van je machine moet je het misschien met de hand afmaken. Ik vind dat de gluten zich het beste ontwikkelen als ik met mijn handen werk. De rest van het kneden doe ik op een licht met bloem bestoven oppervlak. Je wilt een zacht, rekbaar deeg.
Doe het deeg nu in een grote kom en dek af met plasticfolie. Zet het op een warme plek en dek ook af met een schone keukenhanddoek. Laat het ongeveer 30 minuten rusten terwijl je de vulling bereidt.
Zo maak je de kanelbullar vulling
Voor de kaneelvulling heb je ongezouten boter op kamertemperatuur, witte of bruine suiker, kaneel en gemalen kardemom nodig. Ik heb slechts een halve theelepel gemalen kardemom gebruikt, maar je kunt ook iets meer toevoegen. Omdat er ook al kardemom in het deeg zit vind ik dat genoeg kardemom maar je kunt zeker meer toevoegen.
Voor de vulling heb je zachte boter nodig die je over het deeg smeert. Daarna bestrooi je het met de suiker, kaneel en kardemom. Dat is een optie. Je kunt het natuurlijk ook meteen al mengen en het mengsel over het deeg uitsmeren. Bruine (basterd)suiker is hier erg lekker.
Het deeg rollen
Als het deeg gerezen is rol je het uit met een deegroller tot ongeveer 1/2 centimeter dik en 30 bij 15 centimeter breed. Smeer de boter, suiker, kaneel en kardemom op het deeg. Rol nu de lange kant van het deeg op zodat je een lange dikke rol hebt. Neem een scherp mes (of pizzasnijder) en snijd in dikke plakken. Leg elke plak op een met bakpapier beklede bakplaat (gesneden kant naar boven) en laat ongeveer een uur rusten en rijzen. Zorg ervoor dat er genoeg ruimte tussen de rollen zit, want je wilt niet dat ze elkaar raken. Na ongeveer een uur moeten ze verdubbeld zijn in grootte.
Mix het ei
Zodra de kardemombroodjes goed gerezen zijn kluts je het ei met wat water. Bestrijk de bovenkant van de kanelbullar met een kwastje. Bestrooi de broodjes nu met wat Zweedse parelsuiker of gewone parelsuiker. Om eerlijk te zijn weet ik niet of er een verschil is in soorten suiker, maar ik kocht een klein zakje parelsuiker in Zweden. Als je geen parelsuiker hebt, kun je ook andere grove suiker gebruiken, maar dan ziet het er niet zo mooi uit.
Zet ze in het midden van de oven op 200ËšC voor ongeveer 15 tot 20 minuten of tot ze goudbruin en gaar zijn. Geniet ervan tijdens je volgende koffiepauze!
Enkele leuke weetjes en tips over kanelbullar
Wat is de oorsprong van kanelbullar?
Dit is een goede vraag: als je naar Denemarken gaat, kom je kanelbullar overal tegen en ik weet zeker dat ze zullen beweren dat het van oorsprong Deens is. Maar hetzelfde gebeurt als je naar Zweden gaat of een ander Scandinavisch land. Je kunt dus gerust zeggen dat het uit Scandinavië komt, maar uit welk land precies blijft een raadsel.
Hoeveel kaneelbroodjes eten de Zweden?
Naar verluidt eten ze een verbazingwekkende hoeveelheid van 230 kanelbullar per jaar. Ze hebben zelfs een kaneelbroodjesdag (4 oktober) en natuurlijk is het een beroemd eetmoment tijdens de zogenaamde FIKA. Op kanelbullens dag verkopen de winkels ongeveer 8 miljoen kanelbullar op die ene dag! Krankzinnig toch?
Hoe lang kan ik de kanelbullar bewaren?
Dit recept is het lekkerst op de dag dat je ze hebt gemaakt. Dan zijn ze nog zacht en knapperig en heerlijk. Maar je kunt ze 2-3 dagen bewaren in een luchtdichte verpakking of invriezen. De volgende dag kort opwarmen in de oven kan ook.
Mijn kanelbullar rijzen niet
Je hebt het deeg waarschijnlijk niet genoeg gekneed. Met de hand duurt het ongeveer 10 tot 15 minuten voordat de gluten zich ontwikkelen. In een machine duurt het ongeveer 8 minuten, maar dat hangt ook af van de machine. Zorg er ook voor dat je ze op een warme plek legt zodat ze goed kunnen rijzen.
Mijn kanelbullar zijn een beetje hard en niet zacht van binnen?
Als je het deeg niet goed hebt gekneed en niet lang genoeg hebt laten rijzen, kun je kanelbullar overhouden die niet zo zacht en lekker zijn als ze zouden moeten zijn. Het helpt ook om een bakje water op de bodem van de oven te zetten, zodat er stoom vrijkomt tijdens het bakken. Op die manier worden de kanelbullar zachter, maar het begint allemaal met het juiste kneden en rijzen.
Check ook de post met tips over Gothenburg en dé plek waar je de allerlekkerste kanelbullar kunt vinden! Of maak eens het recept voor deze lekkere Zweedse balletjes of een vliegende jacob!
Kanelbullar
Ingrediënten
Voor de kaneelbroodjes
- 7 g gist = 1 zakje
- 450 ml melk
- 120 g boter
- 100 g witte suiker
- 1 ei
- 1 tl zout
- 1 el kardemom gemalen
- 750 g bloem
Vulling
- 150 g boter kamertemperatuur
- 50 gr bruine suiker
- 2 el kaneel gemalen
- ½ el kardemom gemalen
Glazuur
- 1 groot ei
- 2 el water
- 2 el parelsuiker
Hoe maak je kanelbullar
- Doe de gist in een kommetje en voeg een beetje lauwwarme melk toe. Wacht tot dit ietsje gaat bubbelen. Smelt de boter en giet de melk erbij. Voeg de rest van de ingrediënten toe en meng dit tot een deeg in ongeveer 10-15 minuten. Het kan in een keukenmachine het makkelijkste. Laat het deeg vervolgens minimaal 30 minuten rijzen.
- Rol het deeg uit tot ongeveer ½ cm dikte en 30 cm lang en 15 cm breed. Smeer de boter eroverheen en sprinkle suiker en kaneel over de boter.
- Rol de lap deeg vervolgens op door de lange kant op te rollen en snij de rol vervolgens in dikke plakken. Zet de plakken met de snijkant omhoog op een bakplaat Laat ze nu nog een keer rijzen voor ongeveer een uur of tot ze in formaat zijn verdubbeld.
- Klop het ei en het water samen. Borstel de mix voorzichtig over de broodjes en sprinkle de parelsuiker eroverheen. Bak in de oven op 200ËšC voor 15-20 minuten of tot gaar en goudbruin.
- Laat afkoelen op een rek voor je het serveert.
Voedingswaarde informatie per portie:
Disclaimer:
De genoemde waardes zijn gebaseerd op standaard tabellen en hier kunnen geen rechten aan worden ontleend. Merknamen in de ingrediëntenlijst kunnen het gevolg zijn van een betaalde samenwerking. Sommige linkjes op deze pagina kunnen affiliate links zijn. Lees meer: disclaimer.
Hoewel ik in Zweden woon en deze broodjes op iedere straathoek kan kopen, heb ik ze met je recept een keer zelf gemaakt. Lekker! Ze doen echt niet onder voor de échte kanelbullar. 😉