Voor de sandwich leg je de kipfilets tussen twee stukjes vershoudfolie en sla je met, een zware pan of iets anders zwaars en groots, de filets mee plat, tot ongeveer een centimeter dikte. Bestrooi de kipfilets royaal met peper en zout. Zet drie borden klaar en doe daar de bloem, het ei en de panko in. Haal de kipfilet eerst door de bloem, daarna door het ei en dan door de panko. Voor een extra lekker krokant laagje haal je de kipfilet nog een keer door het ei en de panko.
Snijd de kool fijn. Meng de kool samen met twee eetlepels mayo en breng op smaak met peper en zout.
Meng de ketchup, mosterd en worcestersaus door elkaar tot een lekker sausje.
Laat de olie tot 180˚C komen en frituur de filets mooi goudbruin, laat aflekken op een rekje of keukenpapier.
Smeer de boterham in met mayo, doe daar de krokante kip op en vervolgens een flinke lepel witte kool. Daarop een flinke lepel van de rode saus en bedek met de tweede boterham. Snij nu de korstjes van het brood. Als het goed is snij je dan ook een deel van de kip af zodat je die specifieke katsu sando look hebt. De rest kan je natuurlijk ook lekker opeten, zonde om weg te gooien.